De gemeenteraad,
De ontvangst is voorzien in het meerjarenplan 2026-2031 onder de jaarbudgetrekening bj/GGBB-IZ-FI/0020-00/73424000/GEMEENTE/CBS/IP-GEEN, verspreiding van niet geadresseerde drukwerken.
Het ongevraagd en systematisch verspreiden van ongeadresseerd drukwerk in alle brievenbussen of op de openbare weg is nadelig voor het milieu, verhoogt het volume papierafval en brengt bijkomende kosten van onder meer afhaling en verwerking met zich mee. Bijgevolg is het billijk een belasting te heffen op de verspreiding van ongeadresseerd drukwerk.
Artikel 1: Belastbaar feit
Er wordt een belasting geheven op de huis aan huis verspreiding van niet-geadresseerde drukwerken. Onder drukwerk wordt verstaan elke publicatie die ertoe strekt bekendheid te geven aan commerciële activiteiten, handelszaken, merknamen, zoekertjes en andere elementen, die erop gericht is een potentieel cliënteel er toe te bewegen gebruik te maken van de diensten en/of producten van de adverteerder.
Voor de toepassing van dit reglement wordt beschouwd als ‘niet geadresseerd drukwerk’ ieder drukwerk dat niet besteld wordt in een omslag met vermelding van de naam en het adres van de bestemmeling en dat niet op onuitwisbare manier de naam en het adres van de bestemmeling vermeldt. Collectieve adresaanduiding per straat of gedeeltelijke adresvermelding wordt niet beschouwd als zijnde geadresseerd.
Artikel 2: Belastbare periode
De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.
Artikel 3: Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de uitgever. De drukker en de verdeler zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Artikel 4: Berekeningsgrondslag en tarief
De belasting wordt vastgesteld op € 0,020 per bedeeld exemplaar voor eenbladig reclamedrukwerk maximumformaat A4 en € 0,030 per bedeeld exemplaar voor alle ander reclamedrukwerk. Per bedeling is er een minimale aanslag van 50 euro.
Artikel 5: Vrijstellingen
Van de belasting is vrijgesteld:
1. waarin steeds kosteloos de nodige ruimte beschikbaar wordt gesteld voor berichten uitgaande van het gemeentebestuur en dit op grond van een overeenkomst terzake af te sluiten met het gemeentebestuur
2. verenigingen zonder winstoogmerk voor zover ze sociale of culturele doeleinden hebben;
3. plaatselijke sport-, jeugd- of culturele verenigingen voor zover ze folders uitgeven voor eigen organisaties;
4. publiciteit gevoerd door vormingsinstellingen en plaatselijke onderwijsinstellingen.
Artikel 6: Aangifteplicht
De belastingschuldige is gehouden, minstens één dag voorafgaandelijk aan elke bedeling, bij het gemeentebestuur hiervan aangifte te doen door middel van een aangifteformulier dat door het gemeentebestuur ter beschikking wordt gesteld. Hij dient hierbij een specimen in van het te verspreiden drukwerk.
Behoudens een nieuwe tijdige aangifte door de belastingschuldige, geldt de aangifte naar aanleiding van de eerste verspreiding van een drukwerk ook voor de daaropvolgende verspreidingen tijdens hetzelfde dienstjaar.
Artikel 7: Ambtshalve belasting
Bij gebrek aan aangifte zoals vermeld in voorgaand artikel, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingschuldige of zijn afgevaardigde, wordt de belasting ambtshalve ingekohierd, volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag, betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingschuldige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de datum van verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.
Ingeval het aantal verspreide exemplaren niet binnen de voorziene periode wordt meegedeeld, wordt de belasting berekend op basis van 8.000 brievenbussen.
Artikel 8: Verhoging van het tarief
De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met een bedrag gelijk aan de helft van deze belasting. Het bedrag van deze verhoging wordt eveneens ingekohierd.
Artikel 9: Invordering
De belasting wordt ingevorderd met een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 10: Betaling
De belasting moet betaald worden binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 11: Bezwaarmogelijkheid
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag, de belastingverhoging (in voorkomend geval) bezwaar indienen hij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag.
Artikel 12: Inwerkingtreding
Dit belastingreglement treedt in werking de vijfde dag na de bekendmaking ervan op de webtoepassing van de gemeente.